Zho,een jaar uit het leven van een doofblinde vrouw geschreven door Marloes Lasker


Zho staat voor ‘Ziende het onzienlijke’, de Dharmanaam die Marloes Lasker (1976) enkele jaren geleden van haar zenleraar kreeg. Op het eerste gezicht misschien een vreemde naam, voor iemand die officieel doofblind is. Toch ervaart zij de wereld zoals die zich op het moment van de dag aan haar openbaart, tot in het kleinste detail. Hiervan doet zij gedurende haar eenendertigste levensjaar in woord en beeld verslag in dit art journal (visueel dagboek).


Marloes Lasker is vanaf haar geboorte zwaar slechthorend. Toen ze twaalf was kreeg ze last van haar ogen. Op haar zestiende werd het syndroom van Usher gediagnosticeerd; een combinatie van slechthorendheid met een oogziekte, genaamd Retinitis Pigmentosa (RP). De oogziekte is progressief, dat wil zeggen dat het gezichtsveld afneemt. Ze kijkt door een soort tunneltje, met alleen in het centrum van het gezichtsveld nog zicht. Op dit moment is er minder dan 5 graden van over. Hoe het verder gaat, valt niet te voorspellen.

Nadat Marloes in oktober 1999 volledig arbeidsongeschikt was verklaard, ging ze een cursus zenmeditatie volgen in een activiteitencentrum voor lichamelijk gehandicapten. Meteen de eerste les had ze het gevoel dat ze thuis was gekomen. Later, in een workshop Zen-zien-tekenen met Maria Adriaens sprak ze eens woorden die haar eerste zenleraar Dick Verstegen, aldus zijn voorwoord, diep hebben getroffen: ‘In de stikdonkere, massieve zendo van De Tiltenberg met zijn statige pilaren en ramen boven ooghoogte brandde in de avondstilte alleen een kaars. Marloes zei vanuit het duister dat ons allen omgaf: “Ik weet nu dat ik altijd zal blijven zien”.’

Hij begint zijn voorwoord met: ‘Wat mij in Marloes Lasker, de auteur van dit boek, van meet af aan opviel, is dat ze zo fantastisch kan zien. Dat is nogal een boude uitspraak over iemand wier fysieke gezichtsvermogen vrijwel uitgeschakeld is. Ze is nagenoeg blind. Ze is ook bijna doof. Want ze lijdt aan het syndroom van Usher. Maar haar hele leven getuigt van zien en luisteren zonder weerga’.

Sinds januari 2005 is de bekende zenleraar Nico Tydeman officieel haar leraar en in november van dat jaar kreeg ze van hem haar Dharmanaam: ‘Ziende het onzienlijke’, die ze zelf heeft afgekort tot Zho. Een toepasselijker titel voor een visueel dagboek van een doofblinde vrouw is er niet.

Met ‘Zho’ gunt Marloes de lezers een kijkje in haar leven, in haar wereld vol alledaagse gebeurtenissen en gedachten waarvan je niet anders dan stil kunt worden. Hoewel het art journal ons leert dat ze regelmatig op pad gaat, een paar straten om, naar een vriendin in London, op cursus in Amsterdam, naar een fotosessie met Spencer Tunick en de Great Sangha Gathering op Ameland, brengt ze veel van haar tijd thuis door, alleen. Er zijn dagen achtereen dat ze alleen De Man en de cassière van de supermarkt (lijfelijk) spreekt. Ze heeft er mee leren omgaan. Op 10 september schrijft ze: ‘Ik mag dan wel geen rijk sociaal leven hebben, ik krijg wel veel tijd dit leven te onderzoeken.’ Iets verderop geeft ze het advies aan mensen die veel alleen zijn: ‘Leer met jezelf opschieten. Het scheelt enorm als je met jezelf door één deur kan. Als je dat niet kan, en jezelf de schuld blijft geven van alle fouten die je gemaakt hebt en je ongetwijfeld nog zult maken, dan maak je het jezelf knap lastig.’



Zho, een een jaar uit het leven van een doofblinde vrouw

Geschreven door: Marloes Lasker

128 pagina’s, geheel in kleur

ISBN: 978 90 77408 48 3

Uitgever: A3 boeken

 

http://www.a3boeken.nl/