Bruggen slaan: naar meer participatie van cliëntenraden, medezeggenschapsraden en ouderraden


Op 8 februari j.l. werd namens de gezamenlijke belangenorganisaties voor doven en slechthorenden en hun ouders (Dovenschap, FODOK, FOSS, JongerenCommissie, NVVS en Stichting Plotsdoven) het rapport Bruggen slaan aangeboden aan de SIAC, de Samenwerkende Instellingen Auditief en Communicatief Beperkten. Het rapport is de uitkomst van een onderzoek naar de ervaringen van cliënten en/of hun ouders/familieleden in verschillende vormen van medezeggenschap. Het onderzoek werd uitgevoerd omdat belangenorganisaties en instellingen zich zorgen maken over de mate en de kwaliteit van de medezeggenschap op scholen, instellingen en diensten.

Bruggen slaan: aanleiding
Belangenorganisaties en instellingen stelden enige tijd geleden vast dat de kwaliteit van de medezeggenschap in onderwijs en zorg voor dove, slechthorende en esm-kinderen, -jongeren en -volwassenen te wensen overlaat. Met subsidie van de SIAC en aangestuurd door Dovenschap, FODOK en FOSS deed Angélique Nijman onderzoek naar de ervaringen en behoeftes van de leden van de verschillende raden. Op basis van die inventarisatie werd op 13 november een startconferentie georganiseerd, waar veel gepraat en uitgewisseld werd en waar ook bleek hoe divers de populatie in onze sector is: ouders van kinderen in gezinsbegeleiding, familieleden van meervoudig gehandicapte doven, bewoners van De Gelderhorst (landelijk centrum voor oudere doven), volwassen cliënten van GGMD (Geestelijke Gezondheidszorg en Maatschappelijke Dienstverlening voor Doven en Slechthorenden) enzovoort. Maar die verschillende groepen hadden ook een aantal wensen en zorgen gemeenschappelijk.

Aanbevelingen
Er blijkt veel behoefte te zijn aan uitwisseling, zowel persoonlijk door ontmoeting, als virtueel via internet. Op deze wijze kan de tot stand gekomen ontmoeting vervolg krijgen, en kunnen de raden elkaar blijvend stimuleren en versterken. Daaruit volgen de volgende vier aanbevelingen:

  1. Bestuurders dienen zich beter bewust te zijn van hun verantwoordelijkheid om de cliëntenraad goed gefundeerde beslissingen te laten nemen. Dat betekent dat:
    • zij tijdig stukken aanleveren en deze op een toegankelijke wijze presenteren;
    • actief op zoek gaan naar instrumenten of mogelijkheden die het functioneren van de cliëntenraad verbeteren en die erop gericht zijn de verbinding met de cliëntenraad aan te gaan;
    • zij de verantwoordelijkheid nemen om het bewustzijn van de rechten en plichten van de cliëntenraad te vergroten (bv in de vorm van budget ten behoeve van extern advies en training);
    • zij de cliëntenraad ondersteunen en stimuleren in het bepalen van hun eigen agenda;
    • de rol van de cliënt en de invloed van het beleid op de cliënt de basis vormen van het denkproces en dus altijd bovenaan de agenda staan.

  2. Het opzetten van een virtuele ontmoetingsplaats die recht doet aan de behoeften van de diverse raden: informatie-uitwisseling tussen raden onderling en met de verschillende achterbannen, ervaringen, contactgegevens, weblogs, instrumenten, methoden etc.

  3. Het ontwikkelen en organiseren van specifieke trainingen voor cliënten in deze sector, op het gebied van kennis (rechten en plichten, hoe werkt invloed, rollen en verantwoordelijkheden) en op het gebied van persoonlijke ontwikkeling, verantwoordelijkheden en zelfredzaamheid (empowerment).

  4. Het faciliteren van regelmatige en gestructureerde ontmoetingen, mogelijk gebaseerd op thema, doelgroep of regio. Ontmoetingen tussen de diverse raden, maar ook tussen en met de vier niveaus van cliëntenparticipatie (individueel, instelling, instelling overkoepelend en landelijk).


De belangenorganisaties zouden deze aanbevelingen graag verder uitwerken en beraden zich op een vervolg.

Voor meer informatie: download