Medewerking gezocht voor onderzoek naar spraakontwikkeling

Hebben dove kinderen met CI meer moeite met het verstaan van bepaalde klanken dan horende kinderen? En zo ja, om wat voor soort klanken gaat het dan. Momenteel wordt daar onderzoek naar verricht. Doet u mee?


Geachte mevrouw/meneer,
 
Mijn naam is Lotte van den Ouden en voor mijn afstudeerscriptie van de opleiding Taalstoornissen aan de VU Amsterdam vraag ik uw medewerking aan een onderzoek dat belangrijk kan zijn voor de spraakontwikkeling van slechthorende kinderen. Ik doe dit onderzoek in het kader van mijn afstudeerscriptie en in deze email wil ik u graag uitleggen wat de achtergrond is van dit onderzoek, wat dit in de praktijk kan betekenen voor kinderen met een gehoorprobleem en wat het onderzoek zelf precies inhoudt.
 
Achtergrond
Uit eerder onderzoek is gebleken dat kinderen met een gehoorprobleem moeilijkheden kunnen ondervinden met het produceren van bepaalde klanken en het begrijpen van sommige woorden. Er wordt gesteld dat de oorzaak voor dit probleem ligt in het feit dat kinderen met een gehoorprobleem al van jongs af aan een mindere spraakperceptie hebben dan kinderen met een normaal gehoor. Hierdoor hebben deze kinderen over het algemeen een zwakkere fonologische ontwikkeling dan normaal ontwikkelende horende kinderen. In de praktijk betekent dit dat ze, ondanks de hulp van hun gehoorapparaat of cochleair implantaat, moeite hebben om anderen altijd goed te kunnen verstaan, zeker als er sprake is van veel omgevingsruis (wat in het dagelijks leven eerder regel is dan uitzondering).

In dit onderzoek wordt gekeken:
a) of kinderen met een gehoorprobleem bepaalde op elkaar lijkende klanken van elkaar kunnen onderscheiden en
b) met welke specifieke klanken, aangeboden in stilte en in ruis, ze de meeste moeite hebben om te verstaan.
 
Wat kan dit onderzoek voor deze kinderen betekenen?
Met de uitkomsten van dit onderzoek wordt duidelijk óf kinderen met een gehoorprobleem meer moeite hebben met het verstaan van bepaalde klanken dan normaal ontwikkelende kinderen en zo ja, om wat voor soort klanken het dan gaat. Dit betekent dat aan de hand van de resultaten een goede vertaalslag gemaakt kan worden naar de praktijk. Als duidelijk is welke klanken veel problemen opleveren in het dagelijks leven, kunnen deze extra aandacht krijgen tijdens behandelingen. In deze behandelingen kan het verstaan van deze klanken getraind worden, waardoor de problemen in het dagelijks leven hopelijk verminderd kunnen worden.
 
Wat houdt dit onderzoek precies in?
Voor het onderzoek ben ik op zoek naar maximaal 20 kinderen met een cochleair implantaat in de leeftijd van ongeveer 6 tot 12 jaar. Aan ouders zal middels een brief met antwoordstrookje toestemming gevraagd worden voor deelname aan het onderzoek. Elk kind krijgt twee luistertaken, welke bij u thuis in een rustige, aparte ruimte worden aangeboden. Het kind krijgt verschillende klankparen te horen en moet door zijn hand op te steken aangeven wanneer hij een verschil hoort. Daarnaast zal hij klanken in stilte en in ruis te horen krijgen, waarna hij op een papier moet aanwijzen welke klank hij gehoord heeft. Deze beide luistertaken duren per kind ongeveer drie kwartier.
 
Terugkoppeling van resultaten
Aan het eind van het onderzoek zal een duidelijke terugkoppeling gemaakt worden naar de ouders toe. Dit zal gedaan worden door middel van een folder, waarin in duidelijke taal de achtergrond van het onderzoek uitgelegd zal worden en een samenvatting gegeven zal worden van de resultaten. Op die manier wordt duidelijk waar hun kind aan heeft meegewerkt en wat dit heeft bijgedragen aan de praktijk en aan verder onderzoek.
 
Ik hoop dat u mee wil werken aan dit onderzoek. Aanmelden kan via het emailadres: l.h.vanden.ouden(at)student.vu.nl / 06-41627299

Alvast hartelijk bedankt voor uw reactie.